Chemie en het milieu: hulp of hinder?
Milieukwesties, zoals klimaatverandering, watervervuiling en vernieuwbare energie, vormen de krantenkoppen en worden steeds belangrijker in het dagelijks leven. Veel mensen zien chemie en de chemische industrie als schadelijk voor het milieu. Veel nieuwe vorderingen en wetenschappelijk onderzoek op het gebied van chemie helpen ons echter milieuvriendelijker materiaal en toepassingen te ontwikkelen, terwijl we tegelijkertijd de kwaliteit en de manier van leven kunnen behouden die wij verwachten.
Door de jaren heen worden de bedrijfstak en het bredere publiek zich meer bewust van de schadelijke effecten van sommige praktijken uit het verleden en van de noodzaak om het milieu te beschermen. Vroeger waren weinigen zich bewust van de potentieel negatieve effecten die onze moderne levensstijl op het milieu kon hebben, en zag men liever alleen maar het positieve potentieel voor het creëren van nieuwe, nuttige materialen en producten.
Onderzoek in biologische wetenschappen en chemie heeft laten zien dat de petrochemie een rol kan spelen bij de ontwikkeling van oplossingen voor milieuproblemen als klimaatverandering, afvalbeheer, recyclen, energie-efficiëntie – om er maar een paar te noemen. Zonder chemici zouden we misschien wel nooit deze problemen echt hebben kunnen begrijpen. Er zijn grondige veranderingen tot stand gebracht – en dat gebeurt nog steeds – om alternatieve oplossingen te bieden.
De bedrijfstak heeft ook een aantal vrijwillige initiatieven ontwikkeld, zoals het programma ‘Verantwoordelijke zorg’, om de standaards te verhogen bij gezondheids- en milieukwesties, en veilige en duurzame transportsystemen tot stand te brengen in volledige overeenkomst met de voorschriften. De bedrijfstak publiceert in het kader van zijn programma Verantwoordelijke zorg richtlijnen voor het verspreiden en omgaan met chemische stoffen die gepaste voorzorgsmaatregelen vereisen. Al deze pogingen zorgen er samen met de nieuwe Europese chemische wetgeving (REACH genaamd) voor dat chemie op een veiliger en milieuvriendelijker manier wordt uitgevoerd.
Daarnaast zijn chemici en petrochemici nu bezig met onderzoek naar nieuwe methodes, die duurzamer en milieuvriendelijker zijn en tegelijkertijd de ontwikkeling van onze economie en industrie handhaven. Voorbeelden daarvan zijn:
- Biobrandstof: brandstof voor het verkeer, afkomstig uit biomassa. Een scala aan biomassaproducten, zoals suikerriet, raapzaad, maïs, stro, hout, dierlijke en landbouwresten en afval kunnen in brandstof omgezet worden voor het verkeer.
- Biokunststoffen: de productie van kunststof materialen met gebruik van natuurlijke hulpbronnen zoals planten, die daarna biologisch afbreekbaar zijn.
- Isolatie: verbeterde isolatiematerialen om energie-efficiëntere huizen en gebouwen te kunnen bouwen.
- Lichtgewicht gewapend kunststof, waardoor het brandstofverbruik van auto’s en vliegtuigen omlaag kan.
- Brandstofcellen: als waterstofbrandstofcellen gebruikt worden voor de aandrijving van auto’s en motorfietsen, produceren die waterdamp in plaats van uitlaatgassen.
- Nieuwe verlichtingstechnologieën (bv. Organische Licht Emitterende Diodes – OLEDS), die een grotere lichtopbrengst hebben met minder elektriciteit.
- Windturbines en zonnepanelen: maken allebei gebruik van materialen die door de chemische industrie worden geproduceerd. De metalen bladen van windturbines zijn grotendeels vervangen door bladen van polyester versterkt met glasvezel, en zo kunnen die het zwaarste weer weerstaan.
De maatschappij heeft de neiging om alle chemische, door mensenhanden gemaakte dingen als slecht te beschouwen en alles wat natuurlijk is als goed. Het simpele feit dat iets natuurlijk is, maakt het echter nog niet automatisch goed voor de gezondheid of het milieu – of onveilig als het een door mensen gemaakte chemisch product is. Wat ziet er bijvoorbeeld natuurlijker uit dan brandend hout in een open haard? Maar in werkelijkheid kan rook uit zo’n haard schadelijk zijn voor de gezondheid van de mens evenals voor het milieu, net als andere verbrandingsprocessen.
Ook moet er met de hele levensduur van een product (van het ontstaan ervan tot en met het weggooien) rekening gehouden worden, als je kijkt naar de negatieve effecten ervan. Heb je je wel eens gerealiseerd dat de negatieve effecten op het milieu van het verbouwen van katoen groter kunnen zijn dan van het maken van synthetische vezels, zoals polyester? Dat komt doordat katoen enorme hoeveelheden water, kunstmest en pesticiden nodig heeft.
Het versterken van de chemische wetenschap door middel van onderzoek en ontwikkeling is nodig om ons een comfortabel leven te laten leiden in harmonie met het milieu en de natuur. Dat illustreert de grootste uitdaging van alle disciplines van moderne wetenschap, en in het bijzonder van die takken die relevant zijn voor het milieu: de integratie van technologie, de natuur en de mens.


